6.33 Denk aan Abraham, Izak en Jakob en ook Mozes

Laten we naar een paar geloofshelden kijken. Denk aan Abraham, Izak en Jakob en ook Mozes; de drie aartsvaders en de grote leider bij de uittocht uit Egypte.

Abraham
Door het geloof is hij gehoorzaam vertrokken naar een onbekende plaats. Door het geloof wist hij dat hij een groot volk zou voortbrengen.
Maar wat ging het mis met het HOE. De wijze waarop dat zou gebeuren daar hielp hij God een handje bij. Bij Hagar een kind verwekken had zeer verstrekkende gevolgen. Tot de dag van vandaag toe haat Ismaël Israël.
Abraham verwekt bij Hagar een kind
Abraham verwekt bij Hagar een kind
Izak

Bemoeide zich met het HOE van God. Hij wilde Ezau de zegen geven in plaats van aan Jakob zoals God had gezegd. Een altijddurende vete tussen de beide broers was het gevolg.

Izak wil Esau zegenen
Izak wil Esau zegenen
Jakob

Wist dat hij de zegen zou krijgen, maar bemoeide zich met het HOE en bedroog zijn vader. Een altijddurende vete tussen Israël en Edom was het gevolg.

Jakob bedriegt Izak
Jakob bedriegt Izak
Mozes

Een geweldenaar, die als een Henoch met God wandelde en als een Abraham met God sprak, die als een middelaar voor het volk bij God optrad. Maar toen hij zich met de uitvoering van Gods opdracht bemoeide en op de rots sloeg, ging het mis.

Mozes slaat op de rots
Mozes slaat op de rots

God reageerde met: “Niet jij geeft het volk water, Mozes, maar Ik. Niet jij brengt het volk naar het beloofde land, maar Ik”, Deut.31:1-8.

“Daarom zul jij de Jordaan niet oversteken mee naar het beloofde land, zodat het volk goed blijft zien dat niet jij, maar ikzelf met hen meega:

  • Ikzelf zal voor hun ogen de Jordaan oversteken;
  • Ikzelf zal voor hun ogen de volken daar uitroeien;
  • Ikzelf zal voor hen uittrekken en met hen zijn;
  • ikzelf hen niet zal loslaten of verlaten.

 

Niet Mozes maar God
Mozes had het volk ruim 40 jaar geleid en God had hem voor het volk tot een god gemaakt, Ex.4:16.
Het volk had een leider nodig.
God had zich 400 jaar niet geopenbaard aan het volk.
Zij moesten God opnieuw leren kennen.
Op het moment dat Mozes 40 dagen wegblijft, zegt het volk dan ook: wij willen een god die we kunnen zien en maken een gouden kalf, Ex.32:1.
Maar nu na zo’n 35 jaar weet het volk wie God is, zoveel wonderen en grote daden hadden zij van God gezien.
En precies op dat moment zegt Mozes: wij zullen jullie water geven, Num.20:10.
Maar het volk moest het zicht blijven houden op God.
Eerder had hij daar op diezelfde plaats moeten slaan op de rots, Ex.17:6.
Toen moest hij nog zijn leiders status verwerven en maakt God hem tot god, maar nu niet meer.

Het volk moest heel goed begrijpen dat de Here tot een God wilde zijn, dat Hij van hen hield en altijd bij hen was, dat Hij hen in het beloofde land bracht!

Mozes echter bemoeit zich met het ‘hoe’ van de uitvoering.
Hij begreep de situatie niet.
Hij verduisterde met al zijn liefde voor God juist het goede zicht op God.
En in zijn ijver voor God, zijn boosheid over het volk dat weer moppert op God, vergaloppeert hij zich.

Later zegt hij tegen het volk: om uwentwil werd God boos op mij, Deut.4:21.

Wat een les voor ons.

Mozes was in zijn rol van verlosser uit het slavenhuis Egypte, en zijn middelaarschap tussen het volk en God een type van en vooruitwijzing naar Jezus.

Wat mogen we God prijzen dat Jezus zich niet bemoeide met het HOE. Bij de verzoeking door satan niet en in Getsemane niet, maar zei:  “niet Mijn wil, maar Uw wil geschiede.” In alles wees Hij naar de Vader. Hij verduisterde niet het zicht op de Vader, maar werd juist de weg naar de Vader!

Naar de volgende pagina.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Comment moderation is enabled. Your comment may take some time to appear.

Een wandeling door mijn gedachten over Bijbelse thema's