Tagarchief: Het totale werk van Jezus op aarde

Genezing door de verzoening

Onvolmaakt

De vraag die we hier bekijken is: is er naast vergeving ook altijd genezing door de verzoening via het offer van Jezus Christus?

Sinds de zondeval zijn wij onvolmaaktheid. De hele schepping zucht onder een vloek. Ziekte en dood zijn in ons lichaam ingebouwd. Zolang Jezus niet terugkomt, gaan we vroeg of laat ergens dood aan.

Ons lichaam is niet meer volmaakt en wordt soms ziek.  Dat is niet altijd een directe aanval van satan.

Theologie die alle ziekte als iets bovennatuurlijks, afkomstig van God of duivel beschouwt, sluit niet aan bij  de aard van de schepping en het menselijk bestaan.  Sinds de zondeval zijn we onderhevig aan degeneratie.

Dikwijls is er gesteld dat een christen niet ziek hoeft te zijn. En als hij al ziek is, dan wil God altijd genezen. Deze opvatting werd rechtstreeks afgeleid van de leerstelling, dat genezing is besloten in de verzoening. Een bekende tekst die daarvoor wordt aangehaald, is 1 Petrus 2:24 ” . . . door Zijn striemen bent u genezen”.

Genezing als integraal onderdeel van verzoening?

Als genezing een integraal onderdeel uitmaakt van de verzoening, zul je toch de vraag moeten beantwoorden, waarom niet iedereen bij zijn of haar bekering al volledig geneest.

De Bijbel zelf maakt echter een veel genuanceerder benadering van genezing mogelijk.

In de eerste plaats wordt deze tekst uit Petrus volledig uit zijn context gehaald. Er staat niet: vs.24, Die onze zonden en ziekten in Zijn Lichaam omhoog aan het kruishout heeft gedragen.

De zin die daar op volgt is: Opdat wij voor de zonden gestorven zijn en voor de gerechtigheid levend zijn. Door Zijn striemen werden wij genezen. Dit slaat dus terug op wat daarvoor werd gezegd.

Deze genezing gaat over onze rechtvaardigmaking. En natuurlijk hoort daar ook ons lichaam bij. Maar wij hebben zowel naar geest als  naar ziel als naar lichaam nog niet de volmaaktheid bereikt, ondanks het feit wij wij als compleet mens volledig gerechtvaardigd zijn.

Zoals wij geloven dat God de Vader ondanks onze zonde hier op aarde ons door het bloed van Jezus toch volmaakt en rein ziet, zo is dat ook met ziekte. Ondanks dat we hier op aarde nog ziek zijn, ziet God ons door het bloed van Jezus volmaakt.

Teken van het komende Koninkrijk

In de tweede plaats  zien we in de evangeliën dat daar lichamelijke genezing  altijd in het teken wordt geplaatst van het komende Koninkrijk van God.

Wat ook opvalt is dat de evangeliën onderscheid maken tussen bevrijding van boze geesten en genezing van ziekte.

Bevrijding heeft niets te maken met het krijgen van een volmaakte geest of lichaam, maar met het plaats maken voor Gods Koninkrijk.

En dat vindt wel degelijk plaats bij bekering en in het leven van elke gelovige.

In tegenstelling tot dat God soms een andere weg gaat met lichamelijke of geestelijke ziekte, en wij om openbaring van Zijn wil dienen te bidden is het altijd Zijn wil dat mensen worden bevrijd. Bevrijd van demonische invloeden en overgezet worden worden naar Zijn Koninkrijk!

VERZOENING gaat over:

  • Kolossenzen 1:9     vrede tussen God en mensen
  • 1 Johannes 4:10     vergeving van zonden
  • Romeinen 5:1+10  behouden worden en eeuwig leven ontvangen
  • 2 Korinthe 5:17       onze overtredingen niet toe rekenen
Wij dienen ons zelf echter wel te beproeven.

Er kan ook sprake zijn van:

  •  Zonde in ons leven. Gelukkig levert niet elke zonde ziekte op, want dan zouden we allemaal chronisch ziek zijn, maar de Bijbel legt wel een relatie tussen het bewust in zonden leven en de gevolgen die dat voor iemand heeft .
  • Geen of onvoldoende weerstand bieden aan de satan waardoor hij tot ons kan naderen i.p.v. van ons vluchten.
  • Het avondmaal onjuist gebruiken, terwijl er onmin is, of om te schransen of geen besef dat het om het Lichaam van Christus gaat.
Kind van God en toch gebonden

We hebben zojuist betoogd dat het het verlangen van God is dat iedereen wordt overgezet naar Zijn Koninkrijk. Bevrijd wordt uit demonische invloeden.

Daaruit volgt de vraag: kan iemand die zijn leven heeft overgegeven aan God, kind van God is, dan nog wel onder invloed van demonische machten staan; bezet gebied zijn en dus nog overgezet moeten worden naar het Koninkrijk van God?

Het antwoord is : ja. Denk aan wat Jezus zei tegen het hoofd van de synagoge die er bezwaar tegen maakte dat Jezus een vrouw die 18 jaar lang kromgebogen was, op de sabbat genas: “Moest deze dochter van Abraham, die de satan nu 18 jaar had gebonden, niet los gemaakt worden van deze boei?” (Lukas 13:10-17)

De satan had haar in de boeien geslagen, zegt Jezus. Dat is een duidelijke demonische invloed. En tegelijk noemt Jezus haar een dochter van Abraham.

De uitleg van Jezus

Zeer opvallend is dat Jezus direct na deze bevrijding een uitleg geeft over het Koninkrijk van God. Het is als een mosterdzaadje of als een klein stukje zuurdeeg. En zowel dat kleine zaadje als dat kleine stukje zuurdeeg beïnvloeden de hele omgeving.

En dat is wat er gebeurt ook in het leven van kinderen van God. Als kind van God behoren wij tot het Koninkrijk van God. Maar er kunnen (grote) delen in ons leven zijn die nog onder invloed staan van demonische machten. Op die gebieden moeten wij nog overgezet worden naar het Koninkrijk van God.

3.4.2 Jezus het Lam


Je bent hier: Home » Het totale werk van Jezus op aarde
Jezus het Lam, staande als geslacht

hebbende zeven horens en zeven ogen

die zijn de zeven geesten van God uitgezonden naar heel de aarde

Wanneer Jezus het Lam wordt genoemd, dan wordt Hij getoond als Degene die door zichzelf te offeren (geslacht) als enige de autoriteit (staand) heeft om als Koning de satan, de mensheid en de geschiedenis te oordelen, recht te spreken  en alle eigendomsrechten te doen gelden op Zijn vrijgekochten. Als Lam redt Hij de de zijnen uit en oordeelt Hij de mensheid.

  • 5:1-6:17 Alleen het lam is waardig de geschiedenis te ontvouwen en alles openbaar te maken,
  • 7:9-17 Niet de verzegelden uit Israël (want zij zijn de knechten van God; het oude verbondsvolk, vgl. Rom.11:7), maar de schare uit alle heiden volken, die zich gewassen hebben in Zijn bloed,  worden door het Lam geweid en naar God gebracht ter eeuwige vertroosting, vgl. 12:11,
  • 14:1-5 Hier blijkt dat de verzegelden uit Israël het Lam volgen en door Hem zijn vrijgekocht als eerstelingen, vgl.Rom.11:16.(1)
  • 14:6-13 voor het oog van het Lam zal iedereen die het beest aanbidt de wijn van de toorn van God drinken,
  • 21:22-22:5 iedereen die staat geschreven in het boek van het Lam mag in het nieuwe Jeruzalem komen en Hem dienen.

Zeven horens en ogen. Zeven duidt de volkomenheid en volheid aan. De klemtoon ligt dus niet op het meervoud, alsof God letterlijk zeven geesten heeft. Het meervoud wordt gebruikt om de inhoud en alle aspecten te kunnen beschrijven(2).

De ogen duiden de geesten van God aan, zo staat er. Zeven geesten duiden de volkomen Geest van God in al zijn volheid aan.

Horens duiden koninkrijken aan; zeven horens duiden dus een volkomen Koninkrijk in al haar volheid aan. Een geslacht Lam dat staat in de waardigheid van Koning.

Naar de volgende pagina


Noten:

(1) De Bijbel maakt onderscheid tussen:

  1. Israël als het Oud-testamentische verbondsvolk;
  2. Israël in het Nieuwe Testament
  3. gelovigen uit de heiden volken

ad.1 Het OT volk Israël is gekocht met het bloed van het Lam, 5:9 14:4, vgl. Rom.11:25-32. De Israëlieten konden in het OT zich niet wassen in het bloed van Jezus (Hem in geloof aannemen als vergeving voor hun zonden). Hij was nog niet in het vlees verschenen. Vandaar de hele bloedige offerdienst als zinnebeeld daarvan, maar die niet feitelijk hun definitieve redding was. Steeds moest er weer geofferd worden. Achteraf heeft Christus hen definitief vrijgekocht met Zijn bloed.

Deze gedachte is ook volledig in overstemming  met Jesaja 54 waar  de Here God zegt dat Hij zijn volk zal lossen, vrijkopen, zelfs zonder dat er direct sprake is van bekering.

In dit verband is ook de tekst van Hebr.11:39-40 heel bijzonder waar God zegt dat iedere OT gelovige die bouwde op de beloften van God toch  de vervulling daarvan niet heeft gekregen. Waarom? Omdat God iets beters met ons voor had. Namelijk de definitieve verzoening door Jezus en niet door de offerdienst die ononderbroken volgehouden moest worden om de toorn af te wenden. De toorn bleef. Elke keer opnieuw moest er geofferd worden. Daardoor konden de OT-ische Israëlieten niet zonder ons tot volmaaktheid komen. Pas toen Jezus riep: Het is volbracht, heeft Hij hen meegevoerd naar de hoge en hen alle gaven van heerlijkheid en volmaaktheid gegeven. Zie Ef.4:8 als vervulling van Psalm 68:19, van de Sinai, de tijdelijke niet beklijvende genoegdoening naar het definitieve heiligdom.

ad.2 Wat betreft de Israëlieten in het NT zegt Paulus dat hij zijn ziel en zaligheid er voor over heeft als zij zouden inzien dat het einddoel van de wet Christus is, tot gerechtigheid voor een ieder die gelooft. Omdat de gerechtigheid uit de wet geen haalbare zaak is en geen heil zal brengen.

Aan de andere kant schrijft de schrijver aan de Hebreeën dat het oude verbond verouderd is en op het punt staat te verdwijnen. Dat betekent dat het nu nog niet helemaal verdwenen is. Die oude verbondsrelatie heeft blijkbaar op dit moment toch nog betekenis. Voor Israëlieten die trouw de geboden van God naleven waarvan God zegt dat Hij hun Losser is.

ad.3  De gelovigen uit de volken, de heiligen, hebben zich gewassen in het bloed van het Lam, 7:14, 22:14. In het NT zal iedereen zijn geloof dienen te vestigen op Jezus, zich hebben te wassen in Zijn bloed. Vandaar dat de doop door onderdompeling op basis van persoonlijk geloof zo wezenlijk en cruciaal is als zinnebeeld daarvan.

(2) Dit geldt ook wanneer gesproken wordt van de zeven gemeenten. Natuurlijk waren letterlijk die gemeenten er en worden zij persoonlijk aangesproken. En toch tegelijk is er een meta niveau dat in deze briefjes de totale gemeente van Christus in haar volkomenheid en volheid aanspreekt. ( let er bijvoorbeeld op dat elk briefje begint met het enkelvoud “aan de engel van de gemeente” en eindigt met het meervoud ” wat de Geest tot de gemeenten zegt” ) Alle aspecten van de wereldwijde gemeente van alle tijden worden hier beschreven. Wie oren heeft, laat hij luisteren naar wat de Geest aan de gemeente te zeggen heeft. Met andere woorden, in een hedendaags gezegde: wie de schoen past, trekke hem aan!

Naar de volgende pagina.

3.4.3 Jezus Zijn engel


Je bent hier: Home » Het totale werk van Jezus op aarde
De engel van Jezus spreekt en handelt als Jezus. Het is Jezus Zijn engel.

Uitgangspunt is dus dat heel Openbaring Jezus laat zien. In 1:1, 22:6 en 22:16 staat dat Jezus zegt dat Hij Zijn engel had gezonden om in de gemeente van deze dingen te getuigen.  Dus waar regelmatig van een engel wordt gesproken is toch Jezus aan het woord of treedt Hij handelend op.

Het gaat over Jezus zelf in deze “Zijn engel”. Het gaat over Jezus en Jezus spreekt of zelf of door deze engel. Dat loopt zelfs door elkaar; vanaf 21:9 is duidelijk dat de engel spreekt en toch zegt deze engel in 22:7 Zie, Ik kom spoedig. En dan 22:9 aanbid niet mij maar God. Vervolgens 22:12 Zie, Ik kom spoedig, en Mijn loon is bij Mij . . . .

Deze engel is de vereenzelviging met Jezus. Het is overduidelijk dat waar over het Lam wordt gesproken dat Jezus dat is. Maar ook waar deze engel spreekt, spreekt Jezus.

De volgende teksten waar een engel spreek of handelt, spreekt of handelt, naar mijn inzicht, feitelijk Jezus:

Ook wanneer dit onder de opening van zegels door het Lam gebeurt (een gebeurtenis aan het eind van de geschiedenis), omdat het Lam gerechtigd is de zegels te verbreken, maar daardoor vervolgens ook Zijn rol in de geschiedenis zichtbaar wordt.

  • 7:2-3 een opdracht aan engelen m.b.t. de bescherming van de 144.000 uit Israel, (vgl. 14:1),
  • 8:3-5 het brengen van het reukwerk met de gebeden van de heiligen voor de troon van God, (vgl. 5:8),
  • 8:13 de waarschuwing voor de drie weeën, bazuinen, (arend staat voor het Goddelijke)
  • 14:6-7 verkondiging van het eeuwig evangelie, (Jezus is het Woord van God, het vliegen lijkt te wijzen op de arend uit 8:13 en 4:7. Ook de vrouw uit 12:1 krijgt twee vleugels van de arend, beeld van Goddelijke bescherming),
  • 9:1-5 sleutel van de afgrond en een opdracht aan engelen m.b.t. de bescherming van de aarde en de verzegelden,
  • 10:1-11 aankondiging dat er geen tijd meer is en de opdracht aan Johannes het boekje op te eten en opnieuw te profeteren,
  • 11:1-10 het macht geven aan Zijn twee getuigen,
  • 14:14-20 de oogst van de gelovigen en het werpen van de ongelovigen in de wijnpersbak van de toorn van God, (Zowel de Zoon van de mensen als de engelen vertegenwoordigen hier het handelen en spreken van Jezus, want alleen aan Hem is door de Vader het oordeel gegeven),
  • 19:1, 5, 6-10 lofuiting over het oordeel van God, oproep God daarvoor te loven, oproep tot vreugdebedrijven daarom, zaligspreking van de bruiloftsgasten, (het gaat ook Jezus om de aanbidding van God, de Almachtige),
  • 19:11 het Woord van God,
  • 19:17 oproep zich te verzamelen voor de grote maaltijd, (oordeel),
  • 20:1 het hebben van de sleutel van de afgrond en bindt satan 1000 jaren.

In deze ‘Zijn engel’ zien we Jezus duidelijk in al deze teksten als Heer van de gemeente zijn heiligen beschermen en als Rechter van de wereld met autoriteit en macht het kwade binden en oordelen.

 

Opmerkelijk:

Zowel op het moment dat deze engel Johannes opdracht geeft op te schrijven dat de genodigden tot de bruiloftsmaal zalig zijn (19:10), als aan het einde van de gehele openbaring (22:8-9), werpt Johannes zich neer om te aanbidden. Beide keren zegt deze engel dat niet te doen omdat hij een mededienstknecht is en geeft hij aan alleen God te aanbidden.

In beide gedeelten is het zonneklaar dat deze de engel is waarvan Jezus zegt “Mijn engel” (1:1 en 22:16 ). De engel waarmee Jezus zich vereenzelvigt als ware Hij het zelf. In ieder geval waardoor heen Jezus zelf spreekt. Dit omdat we al eerder zagen dat deze engel soms uitspraken doet die alleen Jezus kan doen (bijvoorbeeld: Zie, Ik kom spoedig). Het is dus Jezus zelf die door deze engel heen zegt: Ik ben een mededienstknecht, aanbid God!

Dat vinden we misschien lastig, want wij aanbidden ook Jezus. Het is echter zo dat in heel de bediening van Jezus op aarde bleek dat het Hem ging om de aanbidding van God, Zijn Vader. En ook nu openbaart Jezus zich, hoewel in verheerlijkte staat, als Zoon des Mensen. Een Lam, een Talja, als Dienstknecht, die het gaat om de eer van God. Ook Hij zal dan al zijn Hem gekregen heerlijkheid overdragen aan de Vader.

Ja, wij aanbidden Jezus. Aan Hem hebben wij alles te danken. Maar op dit ene moment waarop de totale geschiedenis tot haar voleinding komt dan verschijnen wij samen met het Lam voor God en dan zal God alles zijn en in allen. Die bruiloft van het Lam, waarop wij genodigden zijn, zal één grote aanbidding van God zijn.

Naar de volgende pagina

Het Oude Testament


Je bent hier: Home » Het totale werk van Jezus op aarde

 

Het eerste gedeelte van de Bijbel wordt ook wel genoemd “Het Oude Testament”, de “Joodse of Hebreeuwse Bijbel”, of “Het Oude Verbond”. Die laatste naam is ontleend aan 2Korinthe 3:14.

 

Thora

Dat begint met de vijf boeken die door Mozes zijn geschreven, de Pentateuch. De Joden noemen die de Thora, ofwel leer of onderwijzing, vaak als “de wet” aangeduid.

Daarin staan allerlei wetten en voorschriften. Geen droge opsomming, maar leefregels ter bevrijding die een goede omgang met God mogelijk maken.

Profeten

Dan krijg je de vroege en late profeten. De joden noemen die de Nebiim. Daarin wordt uitgelegd hoe de leefregels en wetten van de Thora in het dagelijkse leven worden toegepast.

Geschriften

Ten slotte krijg je de geschriften, door de Joden de Chetoebim genoemd. Het is een verzameling van poëzie en verhalen.

Als je de beginletters neemt krijg je TeNaCH. En zo noemen de Joden dan ook het Oude Testament.

De TeNaCH zoals de Joden deze gebruiken, en het Oude Testament zoals christenen deze gebruiken, lijken veel op elkaar. Met dit verschil dat de volgorde van de boeken verschillend is en de indeling van sommige boeken iets anders. De tekst is identiek.


 

Schepping

Het Oude Testament begint met het beschrijven van de schepping van de hemel en de aarde door God en eindigt met de situatie van het volk Israël in pakweg 300 voor Christus.

Nadat God alles volmaakt en goed geschapen had, gaat het volledig mis door een daad van ongehoorzaamheid van Adam en Eva. De aarde is daardoor vervloekt en de mens ten dode opgeschreven.

Messias

God belooft echter de aarde en de mens hieruit te redden. Daarvoor zal Zijn Zoon die Hij daarvoor aanwijst (Gezalfde = Messias) naar de aarde komen als mens (Zoon des Mensen). Om als mens naar de aarde te komen, kiest God het volk Israël  uit om uit geboren te worden.

Wanneer deze Messias deze reddingsactie volbrengt, zal Hij de Koning zijn. Maar niet op onze manier koning, maar op Gods manier. Dat is niet door geweld of wapens, maar door de liefde en dienaarschap, in de Geest van God.

Israël

Het Oude Testament gaat voornamelijk over alles rondom dit volk en de voortdurende belofte van de komst van deze Messias.

Tussen de geschiedenisverhalen in staan:

  • boeken met uitleg over hoe God wilde dat Israël zijn samenleving organiseerde (geen uitbuiting, geen misbruik van vrouwen, bescherming van vreemdelingen, regels voor de godsdienst, regels voor de positie van de koning en nog veel meer);
  • boeken vol liederen, gedichten en wijsheidsliteratuur (Psalmen, Spreuken, Prediker, Hooglied);
  • en ook profetische boeken.

Veel profetieën gaan over een koning die zal komen, de gezalfde van God (Messias), die ook zelf God zal zijn, en die alles weer goed zal maken tussen God en zijn volk.

Tegelijk kreeg vooral de profeet Jesaja ook inzicht van God over een ‘Knecht’ die komen zou, en die veel lijden zou moeten ondergaan om Israël te verlossen.

De grote verrassing voor de Joden in de dagen van Jezus was dat Jezus duidelijk maakte dat beide profetieën op Hém sloegen: Hij was zowel de beloofde Messias, de Koning, als ook de lijdende Knecht.

Zijn koningschap zou bestaan uit dienstbaarheid, nederigheid en zorgzaamheid. Maar daar begrepen zelfs zijn meest directe volgelingen niets van. Die dachten en hoopten dat hij hen met macht en geweld zou bevrijden van de Romeinse overheersing.

 

Naar de volgende pagina de (de boeken van) het Nieuwe Testament uitlegt.

 


*** Bovenstaande tekst is grotendeels van Rien van den Berg.

 

 

2.0 Jezus de komende


Je bent hier: Home » Het totale werk van Jezus op aarde
Jezus de komende
Jezus de komende

Samenvatting van het Oude Testament is: Jezus de komende!

Als er ooit een management samenvatting van de Bijbel gemaakt moet worden, dan strijden Johannes 1:1-18 en Hebreeën 1:1-13 om die eer. Zij beschrijven Hij die was en is, Jezus de komende!

Wat een iconische majestueuze onvergelijkbare krachtige taal.          In een paar halen van de pen wordt in beide hoofdstukken onweerlegbaar imponerend, geen tegenspraak duldend, geschilderd. Zoals een modern schilder zijn verf tegen het canvas smijt en tegelijk als een romanticus het kleinste detail penseelt.

Je voelt je als de verstommende Job als je leest: “Tegen wie heeft God ooit gezegd . . . . . .!!??”

Zij beschrijven hoe de hele geschiedenis van God met de aarde is verlopen. En wat daar zonneklaar uitspringt is dat Jezus als het Woord van God, als de Zoon van God volkomen centraal staat. Jezus de komende!

Je kunt de geschiedenis niet beschrijven zonder deze hoofdlijn. Alles is door en uit en tot Jezus. Als je dat niet ziet of wenst te geloven, dan blijft de hele menselijke geschiedenis met en op deze planeet een volkomen raadsel. Het is Jezus de komende.


Openbaring 5:1-5

We zien daar God op de troon die met een boekrol de totale geschiedenis in Zijn hand houdt. En dan blijkt dat alleen Jezus deze beschreven geschiedenis mag ontvouwen.

Jezus wordt daar genoemd:

  • de Leeuw uit de stam van Juda,
  • de wortel (nageslacht) van David,
  • het Lam dat staat als geslacht met zeven horens en zeven ogen.

Door zijn dood is Hij overwinnaar, de grote Koning en Rechter. En Hij is de Beloofde uit de stam Juda, de grote Zoon van David. Met twee lijnen wordt Jezus hier door heel de geschiedenis heen geschetst.


Johannes 1:1-5+14-18

zegt dat door het woord van God alles is ontstaan en dat dat Woord vlees is geworden en onder ons heeft gewoond.

En ook hier weer één grote schets van de schepping tot aan de verschijning van Jezus hier op aarde. Tot dat moment leefden de mensen onder de wet, maar met zijn komst kwam de genade en de waarheid.


Hebreeën 1:1-13

gaat in op die periode waarin Jezus komende was. En die periode kenmerkte zich door dat God tot zijn volk sprak via profeten. Maar nu Jezus gekomen is, spreekt Hij tot ons door Zijn Zoon.


 

Vanaf de schepping tot aan Zijn komst op de aarde was Jezus de komende zoals beloofd, Genesis 3:15. Hij werd als het ware steeds zichtbaarder totdat Hij daadwerkelijk verscheen in het vlees.

Daarom wijzen alle profetieën in het Oude Testament direct of indirect naar Jezus. Dit, hetzij profeterend over zijn persoon en leven, hetzij over zijn koningschap en het rechter zijn om te oordelen.

Daarom zijn alle hoofdrolspelers in het Oude Testament geheel of gedeeltelijk beeld van Jezus de komende, als de beloofde Messias:

  • In hun bemiddelende rol zijn een Abraham, Jozef, Mozes, e.d. typen van Jezus.
  • In hun verlossende rol zijn Jozua en de richters typen van Jezus.
  • In zijn koningschap in totale afhankelijkheid van God is David type van Jezus.
  • Als vredevorst is Salomo type van Jezus.
  • In hun verzoeningsrol zijn de (hoge-)priesters typen van Jezus.
  • In hun  doorgeven van de Woorden van God zijn de profeten typen van Jezus.

 

waar we gaan kijken naar Jezus toen Hij gekomen was . . . . op aarde.


Uitstapje

De vraag kan opkomen of Jezus als Zoon van God wel naar de aarde was gekomen als Zoon des Mensen wanneer er geen zondeval was geweest.

Nou, niet om de zonde der wereld op zich te nemen. Maar wel, op het moment dat de scheppingsopdracht was vervuld door de mens, voor de bruiloft als de blinkende morgenster. Het moment dat alles zou worden teruggegeven aan de Vader.

Dus niet halverwege om in plaats van ons de scheppingsopdracht te vervullen zoals het nu is gegaan. Maar wel aan het eind van de tijd, zoals het nu ook zal gaan, om  aan een ieder te vergelden zoals zijn werk zal zijn, Op.22:12.

Want de aarde was woest en leeg. Op de aarde moest nog wel het Koninkrijk van God gevestigd worden. En zonder in zonde te vallen zou de mens dit ook gedaan hebben. Op het moment dat het Koninkrijk van God volledig op de aarde was gevestigd zou, net als nu, de tijd worden opgeheven en kregen we recht om te eten van de boom des levens. En dat moment is het moment van de Zoon van God die in al Zijn heerlijkheid Zijn bruid zou en zal ontvangen.

Vergeet niet dat de aarde ook voor de zondeval woest en leeg was, een totale chaos, vernietigd. Het Paradijs, de hof van eden in het oosten,  was een beperkt en lokaal bruggenhoofd, een segment van Licht en Leven in een verder duistere woest en lege wereld, waar de mens werd geplaatst om van daaruit de aarde te gaan onderwerpen. Om het Koninkrijk van God te gaan vestigen. Wanneer dat was gebeurd, misschien ook wel duizenden jaren later dan zou de Zoon een cruciale rol spelen in het in ontvangst nemen en geven aan de Vader. Want heel de schepping is door het Woord (de Zoon) van God tot stand gebracht. Dus zal ook de teruggewonnen aarde aan Hem teruggegeven worden.

De zondeval heeft geen enkele streep gezet door de ordening van God. Het Goddelijk samenspel is van eeuwigheid tot eeuwigheid hetzelfde. God is de Onveranderlijke.

3.4 Jezus de Christus en Kurios


Je bent hier: Home » Het totale werk van Jezus op aarde
Jezus, de Christus en Kurios
Jezus, de Christus en Kurios

Jezus wordt op verschillende manieren onthuld. Jezus de Christus en Kurios.   Het begint met: de Christus, de Gezalfde, Messias (1:1+5). Maar dan ook als de Kurios: Heer! Daarmee sluit deze onthulling van Jezus direct en naadloos aan bij Zijn biografie in de vier evangeliën. Hij is de vervulling van de beloften. Zoals deze zelfde Johannes zijn destijds geschreven evangelie afsloot met de woorden: dit is geschreven opdat u gelooft, dat Jezus de Christus is, de Zoon van God (Joh.20:31).

Na de hele onthulling, bij de afsluiting, zegent Johannes de lezer met de genade Jezus als Heer, Kurios , de grote Overwinnaar en Eigenaar van alle dingen (22:21).

Van deze Christus de Kurios wordt gezegd dat Hij is:

  • de getrouwe getuige
  • de eerstgeborene van de doden
  • overste van de koningen van de aarde

Wat dan van deze Geweldenaar, Getrouwe tot in de dood, Overwinnaar van de dood, Overwinnaar van alle machten op aarde,  wordt gezegd, is dat Hij ons liefheeft!!! En ons verlost heeft uit onze zonden. En dat niet alleen, Hij die alles aan zich onderworpen heeft en alle recht had ons in onze eigen gekozen dood te laten of tenminste ook ons te onderwerpen, heeft ons tot een koninkrijk, tot priesters voor zijn God en Vader gemaakt!!!

Hier past alleen maar het vervolg: Halleluja, Hem zij de heerlijkheid en de kracht tot in alle eeuwigheden ! Amen ! (1:5+6)

Verder zien we Jezus als:

  • Rechter en Heer
  • het Lam
  • Zijn engel
  • de verheerlijkte Mensenzoon

Op elke onthulling van Jezus zullen we op de volgende pagina’s kort ingaan.

Naar de volgende pagina

3.4.4 Jezus de verheerlijkte Mensenzoon


Je bent hier: Home » Het totale werk van Jezus op aarde
Geen herkenning

Het begint al direct na de opstanding waar Maria Magdalena Jezus de verheerlijkte Mensenzoon, ontmoet. Maar Maria, en even later de elf discipelen, herkennen de Here Jezus niet.  De discipelen herkennen Hem zelfs niet na een paar keer. En steeds zegt Jezus dat ze niet bang moeten zijn. Na drie jaar met Hem optrekken is er nu iets aan Hem waardoor en ze Hem niet herkennen en  er iets van Hem uitgaat dat hen bevreesd maakt.

Ook de speciale vermelding dat Hij in hun midden verscheen terwijl de deuren gesloten waren, duidt erop dat dit voor zijn opstanding niet zijn bevoegdheid was.

Het is duidelijk dat Jezus na zijn opstanding veranderd is, zowel in zijn verschijning als zijn niet-meer-gebonden-zijn aan deze fysieke wereld.

Hij is niet meer onder de engelen gesteld. Hij is Overwinnaar en heeft alles volbracht waartoe Hij op aarde was gekomen. Hij is nu met eer en heerlijkheid gekroond, Hebr.2:9.

Hemelvaart

Na zijn hemelvaart komt de Zoon des Mensen thuis bij zijn Vader en wordt Hij bekleed met alle majesteit en heerlijkheid die Hij waardig is.

En zo ziet Johannes Hem wanneer hij in de geest op de dag des Heren is en direct op dat moment achter zich een stem als een bazuin hoort die zich bekend maakt als de eerste en de laatste, de Oorsprong en Voleinder, die Hem opdracht geeft alles wat hij gaat zien op te schrijven en aan de zeven gemeenten te sturen. Als hij dan achterom kijkt, ziet hij tussen of in het midden van zeven gouden kandelaren het volgende.

Zijn uiterlijk

Iemand die op een mensenzoon lijkt:

  1. Gekleed in een gewaad dat tot de voeten reikt. Hij is niet om de heupen omgord, Hij is klaar, hoeft niets meer te bereiken; Hij staat in volle autoriteit. Wat Hij moest doen is volledig volbracht.
  2. Op de borst omgord met een gouden gordel. Hij is om de borst omgord met priesterlijke waardigheid. De grote hogepriester.
  3. Zijn hoofd en zijn haren zijn wit net als witte wol, net als sneeuw. De opperrechter die het eindoordeel heeft. Tegen zijn uitspraak is geen beroep meer mogelijk Hij is het eind van alle tegenspraak.
  4. Zijn ogen lijken een vuurvlam. Alles ziet Hij, alles doorziet Hij, alles ziet Hij in.
  5. Zijn voeten waren als blinkend koper, gloeiend gemaakt in een oven. Waar Hij zijn voeten plaatst vestigt Hij zijn  Koninkrijk en loutert Hij elke ongerechtigheid.
  6. Zijn stem klonk als het geluid van vele wateren. Er is geen andere stem meer te horen. Elke tegenspraak overstemt Hij.
  7. In zijn rechterhand hield Hij zeven sterren. Hij is het Hoofd van de gemeente en niets en niemand anders. En niets en niemand kan ze uit Zijn hand rukken.
  8. Uit Zijn mond kwam een tweesnijdend zwaard. Hij spreekt recht en in gerechtigheid, de absolute waarheid die alles blootlegt en vaneen scheidt been en merg enz.
  9. Zijn gezicht was zoals de zon schijnt in haar kracht. De grote heiligheid waar een zondig mens niet voor kan bestaan. Denk aan Mozes.

Johannes valt als dood voor zijn voeten !!!

Voor deze autoriteit kan geen mens bestaan.

Jezus legt daarop zijn rechterhand met de sterren op hem en zegt: wees niet bang, Ik ben de eerste en de laatste en de Levende. Ik ben dood geweest en zie Ik ben levend tot in alle eeuwigheid. Amen.

Jezus geeft Johannes leven.

2.2 Jezus in ons


Je bent hier: Home » Het totale werk van Jezus op aarde

Door de Heilige Geest woont Jezus in ons en ontvangen wij daarmee het karakter van God.

Daarom roept Jezus alle mensen op om zich om te keren naar Hem, omdat Hij dat goede bericht voor ze heeft. Maar er is veel meer in dat goede bericht. Niet alleen wij worden  ten goede veranderd, maar de hele wereld.

Namelijk: er is een Koninkrijk komende van gerechtigheid. Waar geen duistenis meer is, geen ziekte of dood, geen oorlogen, geen haat. Het is een Koninkrijk van Leven, Licht en Liefde.

Het leven is dus geen doodlopende weg en het is niet zinloos. Het is niet hopeloos, maar er is hoop. Wanneer? Eigenlijk nu al. Als je in geloof je leven durft overgeven aan Jezus. Dan wordt het: Jezus in jou. Jezus in ons.

Jezus in ons
Jezus in jou, Jezus in ons

Degene die de dood overwon en nu leeft in eeuwigheid, volmaakt.

Dat is een doelbewuste keuze voor Hem maken en dat zichtbaar maken door je te laten dopen als bewijs dat je Jezus wilt volgen en weten dat daardoor jouw zonden zijn afgewassen, vergeven. Je wilt een nieuw leven; je wilt Jezus in jou.

Karakterverandering

Jezus reageert daarop door met Zijn Geest in jou te komen wonen. In de eerste plaats heeft dat karakterverandering tot gevolg. De Bijbel noemt dat dat zo iemand een nieuwe mens wordt, opnieuw geboren wordt, vernieuwd wordt in zijn denken. Dat is Jezus in jou. Jezus in ons.

-0-0-0-0-0-

Wat was het eerste wat Jezus deed toen Hij de dood had overwonnen en naar de hemel ging en aan de rechterhand van Zijn Vader mocht gaan zitten?

Hij stortte de Heilige Geest uit op zijn discipelen, ongeveer 120 personen.

  • Zoals de Zoon het dierbaarste was dat God, de Vader ons schonk voor onze redding,
  • zo is de Heilige Geest het mooiste wat de Zoon ons heeft gegeven voor ons beleven van die redding.
  • Door ons geloof in de Zoon zijn wij gereinigd
  • en door de Heilige Geest worden wij geholpen daarmee in overeenstemming heilig te leven; Hij is onze Helper die meetilt aan ons leven in Christus.
Johannes 14:16-24

Jezus  kwam na Zijn hemelvaart onmiddellijk zijn belofte na die Hij op aarde aan zijn discipelen had gegeven:

“Ik zal de Vader bidden en Hij zal jullie een andere Trooster geven . . .  namelijk de Geest van de waarheid . . .  Hij zal in jullie zijn. Ik zal jullie niet als wezen achterlaten.”

En dan staat er iets bijzonders:

“Ik kom tot u. Nog een klein poosje en de wereld zal Mij niet zien of bemerken, maar jullie wel, want ik leef en jullie ook. Op die dag zullen jullie weten en bemerken dat Ik in Mijn Vader ben, en u in Mij en Ik in jullie.”

Zo zie je ook de Drie-enig God. Waar de Geest is daar is Jezus en wie Jezus ziet, ziet de Vader.

Jezus in ons

Met de inwoning van de Heilige Geest woont Jezus zelf in ons. Sterker, dan zegt Jezus: . . . . Mijn Vader en Ik zullen naar hem die mijn woorden in acht neemt toekomen en Wij zullen bij hem intrek nemen.

En steeds als er mensen tot bekering kwamen, werden ze vervuld met de Heilige Geest. En dat is nu nog steeds zo. Jezus en de Vader wonen door de Geest in ons.

En de geestelijk dode mens wordt weer beeld van God, een geestelijk mens(1).

 

Wat zijn de gevolgen van die Heilige Geest in ons; wat brengt dat met zich mee?

Zie daarvoor de volgende pagina’s.

 


 

Noot:

(1) Zie hierover het artikel “Het moedergebod”.

2.1 Jezus op aarde


Je bent hier: Home » Het totale werk van Jezus op aarde
In de verslagen van de vier evangelisten zien we ‘slechts’ dat wat God ons wilde openbaren over de rondwandeling van Jezus op aarde.

Johannes zei al: als hij alles had moeten opschrijven dan zou de wereld zelf de boeken niet kunnen bevatten. Zoveel zou het geweest zijn. De vier evangeliën bevatten dus maar een fractie van alles wat Jezus op aarde deed en zei.

Een ander punt is dat de vier evangelisten op hun eigen manier verslag doen. Dat veroorzaakt ogenschijnlijke verschillen. Daar is al veel over geschreven en goede verklaringen voor gegeven.

Hier zou ik op het volgende willen wijzen. En daarmee ook deze verschillen willen verklaren.

Mattheus legt de klemtoon op:
  1. het feit dat in Jezus alle Messiaanse profetieën zijn vervuld(1).
  2. dat Jezus het komende Koninkrijk en de grote Zoon van David is, Koning, waarvan Openbaring zegt: de leeuw van Juda, Overwinnaar.
Marcus legt de klemtoon op:
  1. de snelheid waarmee het Koninkrijk door Jezus met daadkracht baan breekt(2). In vergelijking met de andere evangeliën verhaalt hij meer daden dan wat Jezus zei.
  2. dat Jezus is gekomen om te dienen, als Talja’, knecht, lammetje.
Lucas legt de klemtoon op:
  1. de diepe menselijkheid van Jezus, te zien in veel verhalen die vaak  alleen Lucas vermeldt.
  2. de enorme bewogenheid van Jezus voor verloren, afgewezen, onder druk gezette, kapotgaande mensen.
Johannes legt de klemtoon op:
  1. Jezus als het vleesgeworden Woord van God.
  2. Jezus als de Christus, de Zoon van God.

 

Deze accenten per evangelie zijn kort als volgt samen te vatten met daar achter het Bijbels symbool:

  • Mattheus laat Jezus vooral zien als Koning                   -> leeuw.
  • Marcus laat Jezus vooral zien als      Dienstknecht     -> rund.
  • Lucas laat Jezus vooral zien als          Mens                       -> mens.
  • Johannes laat Jezus vooral zien als God                          -> arend.
Jezus op aarde
Jezus op aarde

Deze figuren (leeuw, rund, mens, arend)  komen we twee keer bij elkaar staand tegen in de Bijbel. De eerste keer in het roepingsvisioen van Ezechiël 1 en 10. En de tweede keer in het visioen van Johannes wanneer hij de Openbaring van Jezus krijgt (Op.4:7). Beide keren drukken deze vier levende wezens de aanwezigheid uit van de majesteit en heerlijkheid van God, de Almachtige.

Jezus op aarde in de vier evangeliën

De vier evangeliën laten samen in de benadrukking van deze vier aspecten de majesteit en heerlijkheid van God, Zijn Vader zien in en door het leven van Jezus.

En dat is ook precies wat Jezus deed en zei. Het ging Hem om de verheerlijking van zijn Vader. In heel het optreden van Jezus kon je de majesteit en heerlijkheid van God zien. Zoals Hij ook tegen Filippus zei: Als je Mij hebt gezien, dan heb je de Vader gezien.

 

Naar Het evangelie van Mattheus


Noten:

(1) 11 door Mattheüs aangehaalde Oudtestamentische profetieën  die in vervulling gingen met Jezus:

  • 1:23 vervulling van Jesaja 7:14, de maagdelijke geboorte;
  • 2:6   vervulling van Micha 5:1, Bethlehem als plaats van geboorte;
  • 2:15 vervulling  van Hosea 11:1, vlucht naar Egypte;
  • 2:18 vervulling van Jeremia 31:15, de kindermoord;
  • 2:23 vervulling van Jesaja11:1, Zijn naam als Nazoreeër;
  • 4:15 vervulling van Jesaja 8:23, het optreden in Galilea;
  • 8:17 vervulling van Jesaja 53:4 genezing van bezetene;
  • 12:18-21 vervulling van Jesaja 42:1-4, het zonder ophef omzien naar het zwakke ;
  • 13:35 vervulling van Psalm 78:2, het spreken in gelijkenissen;
  • 21:5    vervulling van Zacharia 9:9, intocht in Jeruzalem;
  • 27:9    vervulling van Zacharia 11;12-13, het loon van Judas.

(2) Het gebruik van het woordje “terstond” is opvallend.

  • Johannes: 5 maal,
  • Lucas: 13 maal,
  • Mattheus: 22 maal,
  • Marcus: 40 maal.

Zeker als we bedenken dat Marcus het kortste evangelie is dan is het gebruik in verhouding nog groter dan tweemaal vaker dan Mattheüs.